Wij maken gebruik van cookies

Om u zo goed mogelijk van dienst te kunnen zijn, maken wij gebruik van cookies. Door de tracking cookies te accepteren, wordt u herkend. Zo kunnen we onze website afstemmen op uw persoonlijke voorkeuren en kunnen we u relevante informatie en advertenties laten zien, binnen en buiten onze website. Voor meer informatie kunt u kijken bij ons cookie- en privacybeleid.

Ik ga akkoord
Plan van aanpak mestmarkt, weinig voor de korte termijn
donderdag 25 april 2024

Plan van aanpak mestmarkt, weinig voor de korte termijn

Onlangs heeft de minister elementen van het ‘Plan van aanpak mestmarkt’ openbaar gemaakt. In dit ‘Plan van aanpak’, dat nog in voorbereiding is, staan diverse voorstellen die de druk op de mestmarkt moeten verlagen. De meeste voorstellen gaan over het verlagen van de mestproductie. Daarnaast wordt er een voorstel gedaan over de introductie van een GVE-norm/ha grasland. De maatregelen vergen een wetwijzigingen waardoor het ons inziens geen oplossing biedt op de korte termijn. De inzet van Renure komt wel dichterbij door het recente voorstel van de Europese Commissie.

Voorstel ‘Plan van aanpak mestmarkt’

De minister doet de voorstellen in het Plan van aanpak mestmarkt. In dit bericht wordt ingegaan op de oplossingsrichting ‘vergroten mestplaatsingsruimte’ en ‘verlaging mestproductie’. Daarnaast wordt ingegaan op de ‘GVE-eis’ en de introductie van ‘Renure’. Het doel van de minister is om op de korte termijn de ‘druk’ op de mestmarkt te verlichten. Echter de, volgens de minister, haalbare oplossingen hebben pas over een paar jaar effect. De inzet van Renure kan mogelijk wel vanaf 2025.

Vergroten mestplaatsingsruimte

De druk op de mestmarkt wordt veroorzaakt door de lagere plaatsingsruimte voor stikstof. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afbouw van de derogatie (incl. een lagere of geen derogatienorm in diverse gebieden) en de introductie van de bufferstroken. Het vergroten van de plaatsingsruimte zou op de korte termijn de druk op de mestmarkt kunnen verlichten. Echter de minister Adema geeft aan hier geen mogelijkheden in te zien. Enkele (politieke) partijen willen nu zelf de mogelijkheden in ‘Brussel’ verkennen. Ook dit zal op korte termijn geen oplossing bieden, als er al mogelijkheden zijn.

Verlagen mestproductie

Het verlagen van de mestproductie neemt logischerwijs enige druk van de mestmarkt.

Een vrijwillige verlaging kan via het aantal dieren maar ook het voerspoor. Echter een flinke verlaging op basis van vrijwilligheid is niet te verwachten.

De mestproductie kan ook gedwongen worden verlaagd. De minister benoemt hiervoor twee mogelijkheden:

  • Een (hogere) afroming bij overdracht.
  • Een generieke korting.

Afroming bij overdracht

De minister stelt voor om de afroming van fosfaat-, varkens-, en pluimveerechten te verhogen naar 30%. Dit moet de druk op de mestmarkt verlagen en voorkomen dat in 2025 de verlaagde mestproductieplafonds worden overschreden. Om de verlaging door te voeren moet er een wetswijziging plaatsvinden. Dit traject neemt enige tijd in beslag. Daarnaast is het effect van de verhoogde afroming pas vanaf opvolgende kalenderjaren merkbaar. In het jaar van overdracht kan de overdrager immers de afroming zelf nog benutten.

Generieke korting

Met bovenstaande maatregel wil de minister een generieke korting voorkomen. Echter wanneer de mestproductie boven één of meerdere sectorale plafonds komt, kan de minister een generieke korting wel opleggen. Als in 2026 blijkt dat een plafond in 2025 is overschreden, dan kan op zijn vroegst per 1 januari 2027 een korting worden opgelegd. Deze maatregel is politiek omstreden en zal niet zomaar worden ingezet. Daarnaast biedt dit geen oplossing voor de komende jaren.

GVE-norm

In het voorgestelde ‘Plan van aanpak’ wordt aangegeven om uiterlijk 2032 een GVE-norm per ha grasland (graslandnorm) verplicht te stellen. Met deze norm wordt het voor melkveebedrijven verplicht om per GVE 0,35 ha grasland te hebben. Om dit doel te bereiken wordt er een opbouw voorgesteld: vanaf 2028 ligt de norm op 0,2 ha per GVE en per 2030 op 0,25 ha per GVE.

Afstandscriterium

In het plan wordt gesproken over een afstandscriterium voor het grasland dat meetelt. Het is echter onduidelijk hoe groot deze afstand zal bedragen.

Verdere uitwerking nodig

De GVE-normering, incl. het afstandscriterium,  zal eerst verder uitgewerkt moeten worden voordat het überhaupt geïntroduceerd kan worden.

Introductie Renure

Renure biedt de mogelijkheid om verwerkte dierlijke mest in te zetten als kunstmestvervanger. Door het toestaan van dierlijke mest als kunstmestvervanger ontstaat er extra ruimte voor het plaatsen van  verwerkte dierlijke mest in Nederland.

Voorstel Europese Commissie

De Europese Commissie heeft onlangs een voorstel ter inzage gelegd, zie aanvullend de bijlage. Dit voorstel moet nog in ‘Brussel’ worden aangenomen. Vervolgens kunnen de lidstaten het opnemen in de nationale wetgeving.

Max. 100 kg N/ha uit Renure

De Europese Commissie stelt voor om maximaal 100 kg stikstof per ha toe te staan uit Renure. Dit komt bovenop de norm van 170 kg stikstof uit dierlijke mest per ha. De volgende producten komen in aanmerking om ingezet te worden als Renure:

  • Afgewassen stikstof na het ‘strippen’ van mest.
  • Mineralenconcentraat o.b.v. omgekeerde osmose.
  • Stikstofrijk struviet.

Aanvullende voorwaarden

Naast de bovengenoemde maximale hoeveelheid en (tot nu toe) aangewezen technieken gelden er nog een aantal aanvullende voorwaarden zoals minimale en maximale waarden van elementen en onderlinge verhoudingen. Ook kunnen extra regels gaan gelden voor het (emissiearm) aanwenden.

Bron: Component Agro

Certificaten

Adviesgesprek? Maak een afspraak of bel ons direct via 0546 549 530 bereikbaar tot 18:00
Evert Kremer staat u graag te woord
Menu
0546 549 530 info@bilanx.nl
Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×